Het Topkapıpaleis

Op 18 september is in het Topkapı-paleis een gedeelte, dat lange tijd niet toegankelijk was voor publiek, heropend. Het gaat om de zogenaamde ‘Grote oprijlaan’ of ‘Paardenhelling,’ die de Ottomaanse sultans gebruiken om, verkleed, het paleis uit te kunnen zonder herkend te worden.

“De sultans gebruikten deze weg om, verkleed, ongezien het paleis uit te glippen. Soms reden ze te paard. Daarom wordt het ‘de paardenhelling’ genoemd, legt kunsthistoricus Deniz Esemenli uit in een interview met de krant Hürriyet.

Volgens Necdet Sakaoğlu, een ander kunsthistoricus, was die uitgang heel belangrijk voor de sultans.

Het paleis doet tegenwoordig dienst als museum.

“Ze hielden er allemaal van om ongezien het paleis uit te gaan en zich anoniem in de drukte te mengen. Die uitstapjes waren als inspecties van het volk. De bevolking mocht niet weten dat de sultan weggegaan was uit zijn paleis. Daarom werd deze ‘geheime gang’ gebruikt.”

Vlak voor zo’n uitstapje gingen een paar bewakers eerst kijken of de kust veilig was.

Meestal verkleedden de sultans zich als derwisjen of handelaars.

“Er zijn vele in- en uitgangen aan het paleis, maar deze kan je van buitenaf niet zien. Hij is verborgen, geheim,” zegt Sakaoğlu. Hij noemt de gang “de langste en de regelmatigste van het paleis.”

Bron: Hürriyet

S.V.R.