Zeven jaar na zijn dood blijft de herinnering aan de Turkse volkszanger Neşet Ertaş bijzonder levendig in de harten van zijn fans.

Afgelopen woensdag werden in heel het land verschillende herdenkingsmomenten voor hem gehouden.

Hij overleed in 2012 in de westelijke provincie Izmir. Op 74-jarige leeftijd verloor hij de strijd tegen kanker.

Fans van de volkszanger en liedjesschrijver brachten hulde bij zijn graf in de provincie Kırşehir in Centraal-Anatolië.

Ertaş werd in 1938 geboren in Kirtillar, een dorp in Kırşehir. Hij was de zoon van Muharrem Ertaş, een dorpsdichter, en Done Koc. Op zijn zesde leerde hij voor het eerst een instrument bespelen. Hij speelde viool en bağlama, een traditionele Turkse gitaar. Hij ging vaak mee met zijn vader om op te treden op bruiloften in de naburige dorpen. Daarom heeft hij zijn lagere school niet kunnen afmaken.

Al op heel jonge leeftijd begon Ertaş op te treden in Ankara en Istanbul. Zijn carrière kreeg een enorme duw in de rug toen hij werd aangenomen bij de Turkse nationale radio- en televisieomroep (TRT) in Ankara. Hij was er de vaste volkszanger en -muzikant.

In 1956 verhuisde Ertaş naar Istanbul. Hij nam er zijn eerste plaat op, ‘Neden Garip Garip Ötersin Bülbül’.

Ertaş gaat de geschiedenis in als de ‘Bozkırın Tezenesi’ (stem van de prairie), ‘Türkülerin Babas’ (vader van de muziek), ‘Anadolu Efsanesi’ (legende van Anatolië) en ‘Abdal Müzisyen’ (Abdal-muzikant).

Hij wordt gezien als de laatste grote uitvoerder van een genre dat ‘Abdallık’ wordt genoemd. Dat is een verzamelnaam voor groepen die de traditionele muziek uit hun geboortestreek brengen. Hij werkte twee jaar in Istanbul en keerde dan terug naar Ankara, waar hij zijn toekomstige vrouw Leyla leerde kennen. Ze trouwden, ondanks dat zijn vader zich daartegen verzette. Ze kregen drie kinderen.

Ertaş kreeg het bijzonder moeilijk in 1978, toen zijn vingers verlamd raakten. Hij werd straatarm omdat hij geen muziek meer kon spelen en ook geen behandeling kon betalen.

Uiteindelijk kon hij behandeld worden in Duitsland, waar zijn broer woonde. Die trad daar op op bruiloften en lokale evenementen van de Turkse gemeenschap.

Ertaş werkte twee jaar als leerkracht in Duitsland. Maar na 23 jaar keerde hij terug naar Turkije, waar hij door een enthousiaste menigte werd verwelkomd.

Hij werd door de UNESCO erkend als levend menselijk erfgoed. De volkszanger kreeg ook de titel van staatszanger van toenmalig president Suleyman Demirel, maar die weigerde hij.

In 2011 kreeg Ertaş een eredoctoraat aan het Turks Staatsconservatorium, verbonden aan de Technische Universiteit van Istanbul.

Zijn beroemdste liedjes zijn: ‘Yalan Dünya’, ‘Vay Vay Dünya’, ‘Kırşehir’in Gülleri’, ‘Neredesin Sen’, ‘Gönül Dağı’, ‘Mühür Gözlük’, ‘Zülüf Dökülmüş Yüze’, ‘Yaraladı Bu Aşk Beni’, ‘Yolcu’, ‘İki Büyük Nimetim Var’, ‘Hapishanelere Güneş Doğmuyor’, ‘Evrelim Sen oldun, Ahirim Sensin’, ‘Seher Vakti’, ‘Aşkın Beni Deli Eyledi’, ‘Deli Boran’, ‘Dertli Yoldaş’ en ‘Dinek Dağı’.

Bron: Sabah

Moderne versies