De Parlementaire Vergadering van de Raad van Europa (PACE) heeft eerder in oktober hun bezorgdheid geuit over de constructie van de Akkuyu kerncentrale in de zuiderse Turkse provincie Mersin. Een gebied dat gevoelig ligt voor aardbevingen en op 85 kilometer ligt van de grens met Cyprus.

Op 11 oktober besprak PACE tijdens een vergadering de maatregelen die niet alleen Turkije maar ook Europese landen, met kerncentrales, moeten ondernemen om de veiligheid te garanderen.

Eerste kerncentrale

Tijdens de vergadering kwam de bezorgdheid aan bod over de locatie van Turkije’s eerste kerncentrale. PACE spoorde aan dat Turkije zich moet verenigen met de Espoo conventie, een verdrag ter bescherming van mogelijke internationale milieurampen. PACE benadrukte dat Turkije rekening moet houden met alle besproken bezorgdheden, alsook die uitgedrukt door de Turkse bevolking, en dat ze de situatie moeten bespreken met hun buurlanden.

Het Espoo verdrag bepaalt verantwoordelijkheden en verplichtingen inzake activiteiten die een grootschalige impact kunnen hebben op het milieu. Het verdrag verplicht ook dat, het land in kwestie, de vooruitgang en constructie van de activiteit met de naburige landen bespreekt.

Capaciteit

De Akkuya kerncentrale zou een capaciteit hebben van 4.800 megawatt en zou operationeel zijn tegen 2023.

Het idee voor de constructie van de kerncentrale werd voor het eerst naar voren geschoven op 3 april door de Turkse president  Recep Tayyip Erdoğan en zijn Russische tegenhanger Vladimir Putin.

Turkije heeft ook een overeenkomst ondertekend met Japan voor de bouw van een kerncentrale in de Turkse provincie Sinop, gesitueerd aan de Zwarte Zeekust.

Berat Albayrak, de schoonzoon van Erdogan en minister van Financiën en Schatkist, kondigde in juni aan dat Turkije waarschijnlijk een derde kerncentrale zal bouwen in het historisch gebied Thracië.

Hurriyet

M.S.