Gaziantep is met 30% gegroeid door de nieuwkomers die de crisis in Syrië ontvluchten, maar blijft toch een model van tolerantie en pragmatisme.

Stel je eens voor dat je in een middelgrote stad leeft, zoals Birmingham of Milaan. En stel je nu eens voor dat de bevolking op één nacht tijd met zo’n 30% toeneemt. De meeste nieuwkomers zijn er slecht aan toe: ze hebben honger en hebben geen dak boven het hoofd. Ze spreken zelfs je taal niet.

En stel je dan voor dat je hen niet wegjaagt, maar juist welkom heet en zo goed mogelijk opvangt.

Welkom in Gaziantep, een uitdijende industriestad in Zuidoost-Turkije, op de grens met Syrië. Daar heeft dat scenario zich de afgelopen jaren precies op die manier voltrokken.

Gaziantep heeft een bloeiende textielindustrie en is het centrum van de pistacheteelt; het eten staat er zo hoog aangeschreven dat sommige mensen speciaal uit Istanbul overvliegen voor een etentje. Het ligt ook maar 60 mijl verwijderd van Aleppo, de door oorlog verwoeste stad in Syrië.

In april 2011 arriveerden de eerste 252 vluchtelingen uit de regio rond Aleppo in Turkije. Een jaar later waren het er al 23.000; en in 2015 was dat opgelopen tot 2 miljoen. Vandaag verblijven er 3,6 miljoen vluchtelingen (of beschermde personen, zoals ze officieel genoemd worden) in Turkije. De meesten wonen in het zuiden, in steden als Gaziantep.

Foto: veel Syriërs in Gaziantep overleven met afgedankt materiaal.

Op slechts 24 uur tijd moest Gaziantep 200.000 nieuwe mensen opnemen. Ter vergelijking: Istanbul (Turkijes grootste stad, met een bevolking van 15 miljoen) vangt 560.000 vluchtelingen op. Gaziantep heeft tien keer minder inwoners, maar nam 500.000 mensen op.

“Voor de oorlog waren de relaties tussen de mensen in Zuidoost-Turkije en in Syrië ook al goed,” zegt Azhar Alazzawi, verantwoordelijk voor het Wereldvoedselprogramma van de VN in de stad. “Dus over het algemeen beschouwen de mensen hen hier als gasten, niet als vluchtelingen. Ze hebben dezelfde cultuur en religie.”

In het Ottomaanse tijdperk, vóór er sprake was van de moderne staten Syrië en Turkije, maakten Gaziantep en Aleppo deel uit van hetzelfde gebied. De meeste vluchtelingen willen in Zuid-Turkije blijven, omdat dat gebied hen vertrouwd is. Ze hebben een gemeenschappelijke geschiedenis en er is vraag naar laaggeschoolde arbeidskrachten.

Het is echter ook duidelijk dat de nieuwkomers zware druk leggen op de voorzieningen van de stad, vooral op de woningmarkt, de waterbevoorrading, het openbaar vervoer en de gezondheidszorg. Nu de crisis zijn zevende jaar in gaat, en gegeven het feit dat de helft van de vluchtelingen jonger is dan 18 jaar, wordt vooral onderwijs een groot probleem.

“In het begin deelden we voedsel en kleding uit en zorgden we voor tijdelijke opvang,” zegt Önder Yalçın, directeur van de migratiedienst van de stad. “We brachten de mensen tijdelijk onder in hotels en sportcentra.”

Foto: Syrische en Turkse vrouwen koken samen in het Ensar-gemeenschapscentrum.

“We deden een oproep voor hulp en de mensen brachten voedsel, dekens, kleding, kookgerief, dat soort dingen. De meest kwetsbaren, zoals moeders met baby’s, namen de mensen bij zich in huis.”

Maar al snel begon de Turkse regering een beleid te voeren waarbij ze de nieuwkomers wilde integreren in de steden, in plaats van hen te laten verkommeren in vluchtelingenkampen. Vandaag leeft nog slechts 4% in kampen.

Dat heeft echter wel het bestaande woningaanbod in Gaziantep onder druk gezet en de huurprijzen de hoogte in gejaagd. De werkgevers van hun kant deden hun voordeel met de plotselinge toename van arbeidskrachten: de lonen gingen gevoelig omlaag. Er ontstonden ook conflicten over de toegang tot drinkwater en een aanslepend ongenoegen over het feit dat alle humanitaire hulp naar Syriërs ging en niet naar arme Turken.

“Als een VN-voertuig binnenrijdt in een wijk in Gaziantep weet iedereen voor wie de hulp bestemd is en dat kan tot spanningen leiden,” zegt Khalil Omarshah van de lokale afdeling van het Internationaal Migratiebureau (IOM), één van de grote organisaties die zich bezighoudt met de opvang en integratie van vluchtelingen.

Het was precies om dat soort conflicten te vermijden dat de stad een nieuwe methodiek is gaan toepassen, gebaseerd op integratie.

De burgemeester, Fatma Sahin, richtte een departement voor migratiebeheer op. Het idee was dat Turken en migranten gelijk behandeld zouden worden en dezelfde ondersteuning zouden krijgen.

Foto: Gaziantep is beroemd voor zijn pistaches.

Ze overtuigden de regering om een waterleiding aan te leggen van meer dan 128 kilometer lang, zodat van elders water kon worden aangevoerd om de watercrisis het hoofd te bieden. Daarnaast werd een plan opgesteld om 50.000 nieuwe woningen te bouwen, nieuwe ziekenhuizen te bouwen en de publieke dienstverlening te verbeteren. Al deze nieuwe voorzieningen stonden zowel de Turken als de migranten ter beschikking.

“Ik zei hen: we moeten samenwerken,” zegt Yalçın. “Wij ijveren voor sociale cohesie, omdat Turken en Syriërs hier vanaf nu gaan samenleven. Als je enkel de Syriërs helpt, gaan er spanningen komen.”

“We zeiden: ‘Als je Syriërs gaat helpen in wijken waar ook Turken wonen die dezelfde noden hebben, dan moet je die Turken ook helpen.’ Ze antwoordden dat ze enkel subsidies kregen om migranten te helpen. En wij zeiden: ‘Spreek erover met jullie sponsors. En als jullie niet klaar zijn om met ons samen te werken, moeten jullie maar vertrekken.’”

De IOM deelt de mening van de burgemeester dat integratie de beste manier is om conflicten te vermijden. Ze beheren samen het Ensar-gemeenschapscentrum in Narlitepe, een arme wijk waar mensen van beide gemeenschappen allerlei cursussen kunnen volgen: computerles, koken, taalles, mozaïek en breakdansen. Alle activiteiten zijn tweetalig, zowel in het Turks als in het Arabisch.

“Het centrum heeft honderden gebruikers, de meesten zijn kinderen,” zegt coördinator Ömer Atas. “Meestal zijn het meisjes, en dat is goed, want zij hebben het moeilijker om buitenshuis sociale contacten te leggen. Er zijn minder jongens, omdat velen van hen moeten werken.”

Foto: Kinderen krijgen les in het Ensar-gemeenschapscentrum.

Mohammed (19) vluchtte zes jaar geleden met zijn familie weg uit Aleppo. Hij leerde Turks, heeft zichzelf Engels geleerd en werkt nu in het centrum. “Ik heb hier eerst gitaarles gevolgd en nu geef ik zelf muziekles in het centrum. Ik denk niet dat we ooit teruggaan naar Aleppo. Daar is niets meer voor ons,” zegt hij.

De humanitaire crisis en de eerste stappen naar integratie zijn nu stilaan achter de rug. De volgende uitdaging is onderwijs en werk, zegt Yalçın. In het begin kregen de kinderen hier dezelfde lessen als in Syrië, in het Arabisch, met het idee dat ze na verloop van tijd terug naar huis zouden gaan. Maar vanaf volgend jaar zullen alle kinderen geïntegreerd worden in de Turkse openbare scholen.

Kinderen zijn heel snel weg met het Turks, maar voor hun ouders blijft de taal wel een barrière voor de integratie en het werk zoeken. Syriërs kunnen enkel een werkvergunning krijgen als ze ook een job aangeboden krijgen, maar beide partijen verkiezen het informele circuit: de werkgevers omdat ze dan geen socialezekerheidsbijdragen moeten betalen, en de werknemers omdat ze anders hun uitkering verliezen.

Tot voor kort lieten de autoriteiten ook oogluikend toe dat Syriërs een winkel of bedrijfje opzetten zonder de nodige vergunningen. Maar nu het duidelijk wordt dat ze hier zullen blijven, komen ze onder druk te staan om hun situatie te regulariseren. Bovendien zal de hulp niet eeuwig duren.

“We zullen op een punt komen dat het niet meer volstaat om de basisnoden te lenigen. Nu moeten we de mensen leren vissen in plaats van vis uit te delen,” zegt Oben Çoban, directeur van de programma’s van Save the Children in Turkije.

In 2016 kocht de EU zichzelf vrij uit de crisis. Ze beloofde €6 miljard aan Turkije om Syrische migranten te helpen, waarvan nog maar de helft betaald is. Bijna een jaar geleden kwamen de lidstaten overeen om de overige €3 miljard te betalen, maar dat gebeurde tot nog toe niet.

Wat Gaziantep uniek maakt, is dat men daar niet bij de pakken is blijven zitten. Men had snel begrepen dat de migranten daar zouden blijven, en dus hoe sneller ze konden integreren, hoe beter.

“Migratie heeft altijd bestaan,” zegt Yalçın. “Het is geen probleem dat moet opgelost worden, maar een realiteit waar je moet mee leven. Je moet er de voordelen van zien. En je moet de mensen de waarheid vertellen: deze mensen komen niet jullie werk en jullie huizen afpakken.”

Volgens Yakzan Shishakly van de ngo Maram doet Gaziantep het bijzonder goed. “De stad pakt de zaken echt goed aan en er zijn geen grote problemen geweest. Maar als de economie het minder goed gaat doen, vrees ik wel dat er conflicten zullen komen.”

Maar de stad blijft een rolmodel van tolerantie en pragmatisme. Lanna Walsh van het IOM maakt de vergelijking met hoe andere steden in andere landen reageren: “Daar zeggen ze: OK, we nemen 80 mensen op en dan maken ze daar zo’n drama van.”

“Er zouden meer Europese landen moeten zijn die het voorbeeld van Duitsland volgen en meer mensen opnemen. Het hoeft geen last te zijn om vluchtelingen op te vangen. Migratie is altijd een goede zaak geweest en de drijvende kracht achter veel ontwikkelingen.”

Bron: THE GUARDIAN

S.V.R. ✅